|
Gedichten |
GEDICHT
VOOR ULRIKE MEINHOF
Sommigen kunnen het niet meer hebben.
Sommigen schilderen een spiegel op de muur
met het gelaat van een vrouw erin vervat.
Sommigen luisteren naar een bandje
met de stem van een vrouw die nauwelijks verstaanbaar
fluistert.
Sommigen voeden hun verbeelding met herinneringen
aan avonturen die ze nooit hebben beleefd.
Sommigen zien in de plooien van de dekens op het bed
de vorm van een slapende vrouw.
Sommigen vallen in slaap
met een hand in de hand van de nacht.
Sommigen fluisteren ik hou van je
en luisteren naar het antwoord van de kachel.
Sommigen kunnen het niet eens worden met zichzelf.
Sommigen kennen de nauwkeurige persoonsbeschrijving
van haar die ze nooit hebben gekend.
Sommigen wijzen de plaats aan waar schoonheid uit alcohol
ontstond.
Sommigen zitten bewegingloos in een kamer
en reizen in duizelingwekkende snelheid door het land
dat begint achter de spiegel.
Sommigen vrezen de zonsopgang.
Sommigen antwoorden op de vragen
die niemand hen ooit stelt bij gebrek aan belangstelling.
Sommigen zien in het behangpapier
hoe een leven voorbijgaat.
Sommigen kunnen niet eens met zichzelf praten.
Sommigen beseffen niet
dat gisteren nooit begonnen is.
Sommigen zinken als een steen in de tijd.
Sommigen voelen hun bloed stilstaan.
Niemand is alleen in zijn eenzaamheid.
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
uit 'De droom van een robot, Auteur: Willem M. Roggeman
|
Reageren
op dit gedicht? Klik dan hier.
Hieronder lees je de ingezonden reacties. |